Google Advertenties

De vitaliteitsregeling is in het leven geroepen om alle bestaande regelingen te vereenvoudigen. Er worden namelijk vier regelingen afgeschaft: de arbeidskorting voor ouderen, de doorwerkbonus, de spaarloonregeling en de levensloopregeling.

In plaats van de huidige regelingen, komen er wel drie nieuwe regelingen: de werkbonus voor 61-plussers, de extra stimulering voor scholing en de vitaliteitsregeling (vitaliteitssparen). De nieuwe regelingen worden vanaf 2013 van kracht. Het komt er eigenlijk op neer dat de spaarloonregeling en de levensloopregeling over gaan naar een nieuwe regeling: de vitaliteitsregeling.

De vitaliteitsregeling maakt het mogelijk dat deelnemers aan deze regeling fiscaal voordelig kunnen sparen. Fiscaal voordelig houdt in dat men minder belasting hoeft te betalen indien gebruik gemaakt wordt van deze regeling. Werknemers, ondernemers (ook zelfstandigen zonder personeel (zzp-ers) en resultaatgenieters. Resultaatgenieters zijn personen waarbij geen sprake is van ondernemerschap en/of een dienstbetrekking, maar waarbij wel werkzaamheden worden verricht die inkomsten opleveren. Dit zijn inkomsten uit overige werkzaamheden.



In tegenstelling tot bijvoorbeeld de spaarloonregeling, heeft de vitaliteitsregeling geen opnamedoelen. Er wordt pas belasting geheven indien het gespaarde tegoed binnen de regeling wordt opgenomen. Dit houdt ook in dat de gespaarde tegoeden niet in uw belasting box 3 vallen, waardoor u jaarlijks geen 1,2% over dit bedrag hoeft te betalen indien uw spaartegoed hoger is dan 21.139 euro (dit bedrag is vastgesteld voor 2012). Tevens heeft u een aftrekpost in box 1: uw inkomen is namelijk lager, namelijk het x bedrag dat u per jaar spaart. Stel dat u 5.000 euro spaart in één jaar, dan is uw jaarinkomen 5.000 euro lager en u hoeft over de 5.000 euro dus in dat jaar geen inkomstenbelasting te betalen. De 5.000 euro is bruto: u kunt dus bruto sparen. Het voordeel is echter tijdelijk, aangezien u alsnog box 1 belasting dient te betalen (inkomstenbelasting) op het moment dat u het spaartegoed opneemt.

De regeling kent wel een maximum: u mag maximaal een totaal spaartegoed van 20.000 euro opbouwen binnen de vitaliteitsregeling, waarbij u maximaal 5.000 euro per jaar kunt sparen. Indien u uw spaartegoed wilt opnemen nadat u de leeftijd van 62 jaar heeft bereikt, kunt u maximaal 10.000 euro per jaar opnemen.

Zoeken
Advertentie